Aan alle lezers

Nog even en de Zeskamp zal gehouden worden. De kolonies storten zich wederom in het sportgebeuren. We komen bij elkaar, niet alleen om ons te meten met ‘tegenstanders’ maar ook en vooral om elkaar te ontmoeten. Sport is dan een leuk voorwendsel, er moet namelijk wel een reden zijn.

Nu zoveel andere bindende aspecten wegvallen die onze identiteit bepalen is de Zeskamp een hartverwarmende happening. En dat is nodig ook; ik bedoel, dat hartverwarmende. De Zeskamp wordt namelijk in de winter gehouden. Waarom eigenlijk in de winter? Nederlandse Nederlanders mogen over het algemeen het idee hebben dat Brazilië een tropisch land is, wij Braziliaanse Nederlanders kennen de kille waarheid van het zuiden van het land. Een sportevenement in de kou, en wat is het koud op dit moment! Er zijn nog een paar weken te gaan en het kan best weer warmer worden, doch, ècht warm is het nooit in juli en al helemaal niet in Carambeí. Maar een volk van ferme jongens, stoere knapen laat zich duidelijk niet op z’n kop zitten door de afwezigheid van een beetje warmte, de opkomst is meestal groot. In plaats van dat we ons in huis opsluiten met de kachel aan, dekens, warme chocolade melk en ons terugtrekken met een boek of een interessante film, togen we naar de Zeskamp om onze spieren en hersens in de kou te laten kraken en de kou te verdrijven met warme intermenselijke contacten. Dè aanleiding om op informele manier oude bekenden terug te zien en contacten te verstevigen. Winterse temperaturen helpen daar een handje bij. In de eerste plaats is daar natuurlijk het geijkte onderwerp om een praatje te beginnen. Als je elkaar een tijd niet gezien hebt dan is ‘het weer’ altijd goed, het breekt het ijs en is een neutraal en veilig terrein waar vanaf gehengeld kan worden naar onderwerpen die nog steeds gemeenschappelijk zijn. En het verdrijven van die kou met warme soep en hete koffie heeft iets knus’.

Het hoogtepunt is natuurlijk de zaterdag! Met het nemen van leuke en creatief uitgedachte obstakels zullen we in juli zien wie de ‘beste’ kolonie is. Meestal is er ook nog water in het spel. Dat lijkt gemeen, maar als je van de stelling uitgaat dat kou alleen maar de afwezigheid van warmte is dan zijn dat water en die winterse temperaturen niet zo’n probleem, tenslotte is er de weldadige warmte van jongens onder elkaar.

Voor de echte flinkerds wordt de feestvreugde vergroot door het slapen in tenten, gezellig allemaal op hetzelfde terrein. Dat zijn dan meestal ook meteen onze sporthelden, flink en onversaagd.

In Carambeí dit jaar, zaterdag zal vast een heel spektakel worden. Tenslotte bestaat deze gemeenschap maar één keer honderd jaar.

En ja, in de winter dus, enerzijds om te tonen dat we niet voor een kleintje vervaard zijn en anderzijds omdat de winter het saamhorigheidsgevoel verhoogt misschien? Het kan natuurlijk ook zijn dat wij de zomer gewoon veel te warm vinden om ons sportief uit te sloven, we komen oorspronkelijk namelijk uit het koude noorden aan de andere kant van de evenaar.

Mijn bewondering gaat uit naar de tentlogeerders die zich ook nog fanatiek op het sportveld weren. Met dit weer ben ik op sportgebied alleen te porren voor een eventuele zwemwedstrijd in warm! water. Een wapenfeit dat ik niet waar hoef te maken daar het onderdeel geen deel uitmaakt van de Zeskamp. Ik hou me bij de warme soep, een gezellig praatje en ga genieten van het vriendschappelijke wedstrijdgebeuren.

Het zou geweldig zijn iedereen op zondag in de kerk te mogen begroeten ter afsluiting, om gezamenlijk God te danken.

Tot ziens in juli!

Tineke Voorsluys