PASPOORTEN

Op 16 mei jl. brachten ondergetekende en Ir. C.Wijnen een bezoek aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag. Cees Wijnen is secretaris van de Katholieke Emigratiecentrale/Katholieke Vereniging van Ouders en Familieleden van Geëmigreerden. De ACBH onderhoudt al enkele jaren schriftelijke en persoonlijke contacten met bovengenoemde organisatie omdat de protestantse Christelijke Emigratie Centrale al sinds vele jaren niet meer bestaat. Cees Wijnen is goed op de hoogte van de zaken in Brazilië, is meerdere malen in Brazilië geweest en schreef o.a. boeken over de Holambra’s. Hij kent de problematiek rondom de Nederlandse paspoortaanvragen die niet alleen de in Brazilië wonende Nederlanders treft, maar ook Nederlanders in andere delen van de wereld. Om een voorbeeld te noemen: Nederlanders die op Tasmanië wonen moeten voor deze aanvraag naar Nieuw-Zeeland. De Nederlanders die in het zuiden van Brazilië wonen moeten naar São Paulo. De moeilijkheden en de kosten die hiermee gepaard gaan waren in een document samengevat dat enkele dagen voor ons bezoek aan de directeur Consulaire Zaken en Migratiebeleid, Willem van Ee, werd toegezonden. Op het vier jaar geleden ingediende Verzoekschrift aan de minisiter van Buitenlandse Zaken om ons in deze situatie tegemoet te komen, werd steeds negatief gereageerd. Toch waagden wij het om een nieuw verzoek in te dienen, niet alleen omdat er een nieuwe regering is aangetreden, maar vooral ook omdat het buurland België een systeem heeft ontwikkeld dat, als het ook door Nederland in Brazilië toegepast zou worden, al onze problemen van de tafel zou vegen. Wat doet de Belgische regering voor haar in het buitenland wonende onderdanen? Samengevat het volgende: dáár  waar een flink aantal Belgen bij elkaar woont, komt consulair personeel ter plaatse de biometrische persoonskenmerken opnemen voor het vervaardigen van een nieuw paspoort. Zij beschikken daartoe over een “valiesje” (koffertje) met de daarin benodigde apparatuur. De ABC-kolonies en Não-Me-Toque zouden (als we Belgen zouden zijn) daarvoor in aanmerking komen. In ons geval zou een bezoek van consulair personeel uit São Paulo aan onze kolonies, bijv. één keer per halfjaar,  alle problemen oplossen. De toezegging dat de paspoortaanvragers graag bereid zouden zijn  om in de financiële meerkosten bij te dragen, werd terzijde geschoven, want “zoiets past niet in de beleidsoverwegingen”. Verder vroeg de heer Van Ee aan alle buitenlandse Nederlanders niet om “medelijden” te hebben, maar om “mee te lijden” met de bezuinigingen die in Nederland plaatsvinden. ” Wanneer de in het buitenland wonende Nederlanders op hun paspoort blijven staan, hetgeen uiteraard hun goed recht is, dan zullen ze ook als Nederlander in  de gevolgen van de heersende recessie moeten delen. Helaas moet ook het Ministerie van Buitenlandse Zaken bezuinigen en vandaar de problemen rondom de paspoortaanvragen”. Ondergetekende en Cees Wijnen benadrukten in hun slotbetoog dat dan de bovenvermelde Belgische aanpak  verreweg te verkiezen valt boven welke andere oplossing ook en dat wij verwachten over niet al te lange tijd nader geïnformeerd te zullen  worden.

  Verder kwamen nog de volgende onderwerpen ter sprake:

·        De paspoortverlenging naar 10 jaar. Dit staat op de agenda van de Tweede Kamer en wordt zeer waarschijnlijk nog voor het zomerreces in behandeling genomen.

·        Er wordt gewerkt aan de mogelijkheid om binnenkort op Schiphol paspoortaanvragen in behandeling te nemen.

·        Honoraire consulaten, dus ook Curitiba, zullen niet de bevoegdheid krijgen om paspoortaanvragen te verzorgen.

·        De legeskosten voor een paspoort zullen volgend jaar met minstens 50% stijgen.

Bij dit gesprek met dhr. Van Ee waren tevens aanwezig drs. Caroline G. Weijers, Afdelingshoofd Consulaire Zaken en Migratiebeleid/Reisdocumenten, Legalisatie en Fraudebestrijding en dhr. Mari Smits, wetenschapplijk onderzoeker Latijns-Amerika en bij ons bekend als schrijver van o.a. het boek over Holambra I.

Alvorens dit gesprek te voeren brachten wij een kort bezoek aan dhr. Pieter van Vliet, beleidsmedewerker van het Ministerie van Buitenlandse Zaken  voor o.a. Latijns-Amerika. Aan hem overhandigden wij de collectie boeken die uitgegeven werd door Carambeí  ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan in 2011.   

NB Het document waarin de problematiek rondom het paspoort werd uiteengezet, is tevens persoonlijk aan de redacteur buitenland van het dagblad Trouw overhandigd.

                                                                                                                    Johan Scheffer – ACBH