Is geluk een kwestie van herinneren?

Is geluk een kwestie van herinneren?

 

Renate Stapelbroek

 

Is geluk een kwestie van herinneren? Zo luidde de titel van mijn lezing die ik op 5 oktober hield in het Katholiek Documentatie Centrum (KDC) aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Herinnering is een kernbegrip in het promotieonderzoek dat ik een paar maanden geleden ben gestart onder begeleiding van Hans Krabbendam (KDC, Radboud Universiteit) en Arnoud-Jan Bijsterveld (Tilburg University). De werktitel is: Retour Nederland – Brazilië. De vorming van een transnationale herinneringscultuur door Nederlandse transmigranten in en uit Brazilië (1948 – 2018).

Ik gebruik het begrip transmigranten, omdat het gaat om personen die over een sociaal netwerk beschikken dat zowel Nederland als Brazilië beslaat. Met andere woorden hun relaties – economisch, familiair, organisatorisch, politiek, religieus en sociaal – overschrijden nationale grenzen. Herinneringscultuur betreft de vraag naar de omgang met ons verleden: Wat blijven we ons herinneren en hoe doen we dat?

De kiem voor deze studie ligt in de herinnering die mijn vader met mij deelde toen ik nog kind was: het afscheid in 1949 tussen zijn vader Toon en ome Jan, kort voordat de laatste met zijn gezin naar Brazilië vertrok. Geleidelijk leerde ik het verhaal achter deze emigratie kennen, een tijd waaraan mijn oudtante Rika liever niet werd herinnerd. Kortom, over herinneringen en emigratie en de betekenissen ervan voor emigranten en hun nakomelingen, daarover gaat mijn proefschrift.

 

“Dit is onze nieuwe aanwinst die geluk moet brengen.” (Collectie Renate Stapelbroek)

 

Toen het KDC mij vroeg om de lezing voor de workshop te plaatsen in het kader van de Maand van de Geschiedenis, heb ik een aantal bronnen doorgelicht op het centrale thema van dit jaar: geluk. Het resultaat is een foto die Rika van Nieuwkuijk-Wiegerinck omstreeks 1953 vanuit Brazilië naar haar jongste zus in Nederland stuurde. Op de achterzijde heeft echtgenoot Kees geschreven: “Dit is onze nieuwe aanwinst die geluk moet brengen.” Waarschijnlijk hadden Kees en zijn compagnon Leo Philipsen (derde van links op de foto) dit vervoermiddel hard nodig om hun plannen voor een boerderij met 10.000 legkippen, waarvan de eieren zouden worden afgezet in de stad São Paulo, te laten slagen.

Over geluk gesproken … als we in de catalogus van het KDC zoeken op de trefwoorden ‘geluk’ en ‘emigratie’ komen we uit bij de Portugese vertaling van het boek Holambra, dat in 2016 verscheen van de hand van Mari Smits. In de eerste zin op de achterkant van de Nederlandstalige uitgave wordt een relatie verondersteld tussen herinnering en geluk: “In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog waren de herinnering aan de verschrikkingen van de oorlog en de crisisjaren voor veel Nederlanders motieven om ons land te verlaten en elders hun geluk te beproeven.”

 

Historische context

 

Brazilië en Nederland hebben sinds de zeventiende eeuw een gezamenlijke geschiedenis. Mijn promotieonderzoek is echter gericht op de naoorlogse periode van de zes grootste Nederlandse groepsvestigingen in Brazilië, te weten Carambeí (1911), Holambra (1948), Não-Me-Toque (1949), Castrolanda (1951), Arapoti (1960) en Campos de Holambra (1960). Met uitzondering van Carambeí en Não-Me-Toque zijn deze landbouwkoloniën opgericht met steun van de Nederlandse overheid.

Slechte herinneringen aan de oorlog en aan de voorafgaande crisisjaren, maar ook de gebrekkige economische omstandigheden erna, angst voor het communisme en voor overbevolking, en het gebrek aan grond voor jonge boerenzonen vormden tussen 1945 en 1967 de aanleiding tot een overheidsbeleid waarbij ongeveer een half miljoen Nederlanders werd aangemoedigd om elders een nieuw bestaan op te bouwen. Canada stond als bestemming bovenaan, gevolgd door Australië, de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en de minder traditionele immigratielanden Zuid-Afrika en Brazilië. Relatief weinig Nederlanders emigreerden naar Brazilië. Tot 1964 ging het om nog geen vijfduizend personen. De gemeenschap in Não-Me-Toque, in 1949 ontstaan op initiatief van enkele Nederlandse fransciscanen (O.F.M.), groeide echter onverwacht snel door de komst van emigranten die uit onvrede met de gang van zaken wegtrokken uit de kolonie Holambra. De kolonie Carambeí was al in 1911 ontstaan als gevolg van een spontane groepsvestiging van enkele families uit Zuid-Holland. Deze zes Nederlandse groepsvestigingen in Brazilië voelen zich onderling verbonden, hetgeen onder meer tot uitdrukking komt in het traditioneel jaarlijkse sportevenement Zeskamp, dat in 2018 voor de 40ste keer zal plaatsvinden.

 

Elk van de groepsvestigingen heeft haar eigen ontwikkeling doorgemaakt, maar men kan in het algemeen zeggen dat na moeizame beginjaren het gros van de pioniers erin is geslaagd een nieuw bestaan op te bouwen. Emigratie heeft altijd in zekere mate retouremigratie tot gevolg, zo ook in de genoemde koloniën. Vanaf de start zijn de Nederlandse migranten niet alleen economisch, maar ook in sociaal opzicht sterk op elkaar aangewezen geweest. Dit blijkt onder meer uit de vele onderlinge verwantschapsrelaties waarbij men geleidelijk – in de katholieke koloniën eerder dan in de protestantse – ook buiten de groep huwde. Hoewel in de loop der jaren de integratie in de Braziliaanse samenleving is toegenomen, zijn er in de sociaal-culturele ontwikkeling duidelijk verschillen waarneembaar tussen de katholieke en protestantse groepsvestigingen. Zo steunen de drie gereformeerde koloniën relatief sterk op drie pijlers: coöperatie, kerk en school. Het grootste deel van het economische en het sociaal-culturele leven werd en wordt hier georganiseerd vanuit coöperaties respectievelijk eigen verenigingen. De verenigingen, waaronder specifiek voor de jeugd, ouderen en vrouwen, zijn vrijwel altijd direct of indirect gelieerd aan de kerk en draaien op vrijwillige inzet van hun leden. In de kerk, behorende tot de Igrejas Evangélicas Reformadas no Brasil (IER Brasil), worden naast Braziliaanse dominees ook predikanten uit Nederland beroepen. Daarbij vinden er, zij het minder dan in het Braziliaans-Portugees, nog altijd Nederlandstalige diensten plaats. In de katholieke koloniën daarentegen deelt al lange tijd een minderheid van vooral ouderen de kerkbanken met Braziliaanse geloofsgenoten.

 

Jan Derks van Museu Histórico e Cultural de Holambra (midden) in gesprek met de andere deelnemers aan de KDC-workshop. Vooraan derde en vierde van rechts: Corrie van Lohuizen van Santen uit Castrolanda en Ton Roos (Foto KDC: Paul Koopman)

 

Herinnering is emotie

 

Emigreren is een aangrijpende en ingrijpende gebeurtenis in een mensenleven. Herinneringen aan de emigratie gaan daarom vaak gepaard met heftige emoties; met gevoelens van geluk, heimwee, schaamte, schuld, spijt, verdriet, vreugde en woede, maar ook opluchting en trots wanneer men erin slaagt elders een nieuw bestaan op te bouwen. Dit geldt evenzeer voor de zogeheten retouremigranten die om uiteenlopende redenen naar het vaderland terugkeren om daar opnieuw te beginnen.

Herinneren is een dynamisch, selectief proces van vasthouden en vergeten, erover praten en zwijgen. Herinneringen ‘leven’ zolang ze worden gedeeld tussen mensen. Herinneren is daardoor ook een sociaal proces. Zowel emigranten als retouremigranten dragen herinneringen aan het land van herkomst met zich mee en doen nieuwe ervaringen op in het land van (her)vestiging. Ze delen deze met hun kinderen en kleinkinderen door erover te vertellen, hetgeen we communicatieve herinneringen noemen. Daarnaast creëren ze dragers en activiteiten om te voorkomen dat herinneringen aan hun gezamenlijke verleden verloren gaan voor toekomstige generaties. Dit zijn zogeheten culturele herinneringen. Een voorbeeld hiervan is het standbeeld van een boerenechtpaar in de kolonie Não-Me-Toque, geplaatst in 2011 ter gelegenheid van de viering 100 jaar Nederlanders in Brazilië (Ano Holanda no Brasil). Een ander voorbeeld is ‘De Immigrant’ in Castrolanda, de Hollandse molen gebouwd als eerbetoon aan de immigranten en feestelijk geopend bij het vijftigjarig bestaan van de kolonie in 2001. Maar ook de traditionele Zeskamp kan men beschouwen als een activiteit waarbij de herinnering aan de Nederlandse groepsvestigingen in Brazilië wordt gecultiveerd.

Op deze wijzen overschrijden herinneringen nationale grenzen en zijn daarmee transnationaal van aard. Herinneringen bepalen onze handelingen en deze beïnvloeden op hun beurt onze identiteit. Daarom, zodat zij de herkomst van hun voorouders niet vergeten, volgen achterkleinkinderen van Nederlandse pioniers in de drie protestant-christelijke koloniën tot op de dag van vandaag les in de Nederlandse taal en cultuur. Tegelijkertijd integreren deze kinderen, mede door het reguliere onderwijs, in de Braziliaanse samenleving en ontwikkelen aldus een transnationale identiteit. Dit geldt evenzo voor hun leeftijdgenoten in de drie katholieke koloniën van wie overigens de meerderheid niet of nauwelijks de moedertaal van hun Nederlandse (over)grootouders beheerst.

Het cultiveren van herinneringen aan de emigratie is geen exclusief Nederlands verschijnsel. Andere migrantengemeenschappen in Brazilië en elders in de wereld (denk ook aan immigrantengroepen in Nederland) geven eveneens collectief uiting aan hun gezamenlijke verleden, al dan niet vanuit hun religieuze achtergrond. Herinneringen veroorzaken echter binnen een familie, een lokale gemeenschap, tussen generaties, maar ook op landelijk en internationaal niveau vrijwel altijd meningsverschillen over hoe men dat verleden dient te herdenken. Dit blijkt bijvoorbeeld uit gesprekken met verschillende generaties over de inrichting van het lokale museum. Vaak zijn deze opgericht door de oudere, inmiddels gepensioneerde emigranten, mannen en vrouwen die zich geroepen voelen om vooral het verhaal over de beginjaren van de kolonie vast te leggen. Hun nakomelingen, geboren en getogen in Brazilië, reflecteren echter vanuit een ander tijdsperspectief op de lokale geschiedenis.

Nogmaals, onze identiteit wordt beïnvloed door de manier waarop we omgaan met herinneringen. Dit geldt niet alleen voor ons persoonlijk, als individu, maar evengoed voor groepen en landen. In dat geval spreken we over de collectieve identiteit ofwel het collectieve geheugen van bijvoorbeeld een stad of land, een migrantengroep of geloofsgemeenschap. In het onderhavige onderzoek maakt het gereformeerde geheugen respectievelijk het katholieke geheugen deel uit van de collectieve herinneringen die de Nederlandse migranten binnen de zes koloniën onderling verbindt.

 Prent geschonken door de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond aan de emigranten ‘ter herinnering aan de  geboortegrond en al het goed wat hun dierbaar was’.  (Collectie Katholiek Documentatie Centrum) De prent is ook te zien in het museum van de Associação Pro Preservação da História e Cultura da Fazenda das Posses in Campos de Holambra. 

 

Onderzoeksstrategie

 

Kort samengevat onderzoek ik aan de hand van de casus ‘Retour Nederland-Brazilië’ de omgang van Nederlandse transmigranten in en uit Brazilië met hun geschiedenis gedurende de afgelopen 70 jaren. Dit doe ik vanuit een narratief perspectief, dat wil zeggen ik beschouw het proces van herinneren als het vertellen van persoonlijke verhalen. Door middel van oral history interviews, participerende observatie en archiefonderzoek ga ik op zoek naar gedocumenteerde en nog niet gedocumenteerde herinneringen om deze vervolgens te beschrijven, vergelijken, contextualiseren, analyseren en verklaren. Ter illustratie: Voor het archiefonderzoek in het Katholiek Documentatie Centrum put ik onder meer uit De Emigrant, een tweewekelijkse periodiek van de Katholieke Centrale Emigratie-Stichting, uit stukken van de Katholieke Vereniging van ouders en familieleden van emigranten, uit het archief van de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond en andere katholieke standsorganisaties.

Het totaal aan bevindingen vergelijk ik op basis van literatuurstudie naar herinneringsculturen van andere migrantengroepen. Daarmee verwacht ik inzicht te bieden in de totstandkoming van een transnationale herinneringscultuur respectievelijk transnationale identiteit. In dit verband denk ik eveneens uitspraken te kunnen doen over de impact van geloofsbeleving alsook over de overeenkomsten en verschillen tussen het gereformeerde geheugen en het katholieke geheugen in de betreffende koloniën. Uiteindelijk beoogt het proefschrift een bijdrage te leveren aan het debat over natievorming en identiteit en een leemte op te vullen in de studie naar Nederlandse (retour)emigratie. Tegelijkertijd is de verwachting dat dit onderzoek bij de betrokkenen in Brazilië én Nederland ruimte biedt voor gemeenschapszin en overdracht van cultureel erfgoed aan toekomstige generaties.

 

En geluk? Is dat een kwestie van herinneren?

 

Volgens psycholoog en Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman is de vraag ‘hoe gelukkig ben je?’ doorgaans niet onmiddellijk te beantwoorden. Daarvoor graven we eerst in ons geheugen. Het antwoord dat we vervolgens geven is de uitkomst van een optelsom van herinneringen aan positieve en negatieve ervaringen. Herinneringen aan recent opgedane ervaringen wegen daarbij het zwaarst. Herinneringen zijn, aldus Kahneman, sterk bepalend voor ons geluksgevoel. Misschien verklaart dit de aanwezigheid van souvenirwinkels in toeristische trekpleisters waar men bezoekers graag een geschenk tot aandenken verkoopt?

 

 

SOUVENIRBRASIL sempre boas lembranças! Altijd goede herinneringen!

(Collectie Renate Stapelbroek)

 

 

Oproep

Renate Stapelbroek komt graag in contact met mensen die tastbare herinneringen aan de naoorlogse emigratie naar Brazilië of aan de retouremigratie naar Nederland bewaren en die bereid zijn deze te delen ten behoeve van haar onderzoek. Daarbij kunt u denken aan brieven, fotoboeken, memoires, bidprentjes en andere bronnen die een persoonlijk verhaal over de (retour)emigratie bevatten. U kunt rekenen op een zorgvuldige omgang met de privacy.

E-mail: info@kdc.nl of r.m.j.stapelbroek@uvt.nl

Facebook:  https://www.facebook.com/MigrantesHolandeses/

 

Geraadpleegde bronnen

 

Jan Assmann, ‘Communicative and Cultural Memory’ in: Astrid Erll en Ansgar Nünning (red.), Cultural Memory Studies. An International and Interdisciplinary Handbook (Berlijn / New York: de Gruyter, 2008).

 

Willem Frijhoff, Religie en de mist van de geschiedenis. Hoe behoefte aan herinnering onze cultuur transformeert (Nijmegen: Radboud Universiteit Nijmegen, 2010).

 

Herman Pijffers, Het Katholieken Boek (Zwolle: Waanders, 2006).

 

Mari Smits, Holambra. De moeizame beginjaren van een stukje Nederland in Brazilië (Nijmegen: Uitgeverij Valkhof Pers, 2016).

 

Renate Stapelbroek, Themagids “Zeskamp”. Lokale bronnen met betrekking tot zes Nederlandse groepsvestigingen in Brazilië in de periode (1900) 1948-2016 (Leiden / Carambeí: Centre for Global Heritage and Development / Associação Cultural Brasil-Holanda, 2016).

 

Angelique Tinga, Herinneringen hebben meer impact op geluk dan ervaringen. Geraadpleegd op 1 september 2017, van http://blog.donders.ru.nl/?p=5502

 

De tekst van deze lezing is eveneens gepubliceerd in Impressie, de digitale nieuwsbrief van het KDC; zie http://www.ru.nl/kdc/actueel/impressie/

 

0 respostas

Deixe uma resposta

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Deixe uma resposta

O seu endereço de e-mail não será publicado. Campos obrigatórios são marcados com *